HALLE Viert de Belgische feestdag.

HALLE Viert de Belgische feestdag.

Sh2_1359_01__large_
 
Sh2_1279_01__large_
 
Sh2_1281_01__large_
 
Sh2_1283_01__large_
 
Sh2_1290_01__large_
 
Sh2_1295_01__large_
 
Sh2_1303_01__large_
 
Sh2_1318_01__large_
 
Sh2_1324_01__large_
 
Sh2_1332_01__large_
 
Sh2_1348_01__large_
 
Sh2_1352_01__large_
 
Sh2_1364_01__large_
 
Sh2_1367_01__large_
 
Sh2_1368_01__large_
 
Sh2_1292_01__large_
 

 Op 21 juli, onze Belgische nationale feestdag, vieren we de eedaflegging van de allereerste koning der Belgen : Leopold I. Na de onafhankelijkheid in 1830 moest de jonge Belgische staat op zoek naar een staatshoofd, en daarvoor werd gekeken naar de jonge Duitse prins Leopold van Saksen-Coburg-Gotha, die meteen akkoord was. Op 4 juli 1831 werd hij uitgeroepen tot koning der Belgen, maar pas op 21 juli legde hij officieel de eed af. Het Koninkrijk België was definitief een feit.
Vandaag komen wij dus samen om uitdrukking te geven aan onze gehechtheid aan ons land, onze grondwet en onze Koning.

In de loop van deze namiddag organiseert een werkgroep binnen Averechts (is een onafhankelijke, kritische, culturele organisatie) een dekolonisatie-wandeling doorheen onze stad als een vorm van aanklacht over de rol die ons land, maar ook het Koningshuis speelde bij de oprichting van de Onafhankelijke Congo Vrijstaat en het jarenlange beheer van rubberplantages en de uitbuiting die hiermee gepaard ging.

Dat deze beide activiteiten kunnen plaats hebben, hebben wij natuurlijk te danken aan onze parlementaire democratie, waarbij de grondwet er voor zorgt dat wij als burgers vrijheid van vereniging hebben en dat ook de vrijheid van spreken gewaarborgd is. En dit is natuurlijk een verworvenheid, een luxe waar we meestal niet bij stilstaan en die we de gewoonste zaak van de wereld vinden. Maar dat is natuurlijk niet zo; in tientallen landen zou dit niet mogelijk zijn of zou dit gewoonweg verboden worden. Met andere woorden, democratie is spijtig genoeg niet de standaard in de wereld, ook niet doorheen de geschiedenis. Democratie is dus een belangrijke verworvenheid, die we met zijn allen moeten koesteren en waarvoor we ons moeten inzetten om dit te bewaren en niet te laten uithollen.

En deze gedachte brengt mij bij de inhoud van mijn toespraak vandaag. Onze parlementaire democratie wordt op de proef gesteld. We worden geconfronteerd met terroristische aanslagen, de vluchtelingencrisis, de afnemende steun aan het Europees project, de nakende Brexit, de opkomst van het populisme in Amerika, maar ook in Europa en in ons land, de revival van het nationalisme en dwepen met het extreem rechtse gedachtengoed, de ontwikkelingen in Turkije en Hongarije, de klimaatproblematiek, de aanhoudende negatieve impact vormen samen een geheel dat ons ontredderd en ons vooruitgangsoptimisme ondergraaft.

Maar ook de ontwikkelingen in eigen land zijn niet van die aard dat we met een grote roze bril naar de toekomst kunnen kijken. De uitslag van de verkiezingen op 26 mei heeft het niet gemakkelijk gemaakt om regeringen te vormen. Ook niet in Vlaanderen; zeker niet wanneer we de vorming van een Vlaamse regering gaan koppelen aan deze van de federale regering. Ik vond dit een bijzonder vreemde redenering in het licht van onze gefederaliseerde staat die we gedurende tientallen jaren, met heel veel geduld en strijd en met heel wat compromissen hebben kunnen opbouwen. Waar zijn de tientallen wetsvoorstellen naar toe waarbij er een pleidooi wordt gehouden om de Vlaamse verkiezingen los te koppelen van de federale verkiezingen. Het zou voor de bevolking veel duidelijker zijn. Nu wordt het tot stand komen van een Vlaamse regering gekoppeld aan het resultaat van de onderhandelingen van de federale regering. Eerlijk gezegd, op het pad naar een confederale staatsstructuur – zoals sommige voorstellen - lijkt mij dit een serieuze stap terug te zijn. Het ziet er dus naar uit dat we nog wat geduld zullen moeten oefenen. Maar goed, laat ons hopen dat we toch niet het record gaan verbreken van de federale verkiezingen in 2010 waarbij het zo maar even 541 dagen heeft geduurd alvorens we een volwaardige federale regering hadden. De uitdagingen die op ons afkomen zowel intern als extern, zijn immers immens en verdragen eigenlijk geen getalm. Ik sluit mij dan ook zeer graag aan bij de boodschap die Koning Filip gisteren, op de vooravond van onze nationale feestdag, lanceerde om snel werk te maken van de vorming van federale en deelstaatregeringen, zodat men snel en krachtig de hand aan de ploeg kan slagen.

En dit brengt mij bij mijn tweede gedachte. Als kersverse burgemeester van deze stad – we zijn net zes maanden aan de slag – ben ik mij meer bewust van geworden dat de functie bijzondere verantwoordelijkheden inhoudt op het vlak van veiligheid. Het feit dat de Vlaamse regering, in hoedanigheid van de Vlaamse minister van binnenlandse aangelegenheden je als burgemeester aanstelt en dat je de eed moet gaan afleggen in handen van de gouverneur, betekent dat je op het grondgebied van je de stad mede de verantwoordelijkheid draagt om de veiligheid in alle opzichten te garanderen. Maar ook dat de waarden die in de grondwet en in de Vlaamse beleidsverklaring staan opgenomen gevrijwaard moet worden op het lokale niveau. Ons zonaal politiekorps, onder de kundige en betrokken leiding van de korpschef en ons intergemeentelijke brandweerzone, onder de gewaardeerde leiding van de brandweercommandant zorgen samen met onze gemeentelijke veiligheids-, evenementen- en uitvoeringsdienst voor de nodige en noodzakelijke basisveiligheid. Er kan geen enkele activiteit – hoe klein of hoe groot ook – doorgaan zonder dat de intrinsieke veiligheid gecheckt en gewaarborgd is. Ik teken alle dagen tientallen brieven die op één of andere manier met veiligheid hebben te maken. Veiligheid op evenementen, veiligheid op het openbare domein door openbare of private werken, veiligheid inzake personeel, veiligheid op het vlak van overlast, verkeersveiligheid, bescherming van burgers en handelaars tegen criminaliteit. Uiteraard was ik mij daarvan bewust als ik deze functie aanvaardde, maar ze wordt bijzonder concreet wanneer je tot slot helemaal alleen de finale beslissingen moet nemen of evenementen al dan niet kunnen doorgaan, of je een voetbalstadium of een café moet sluiten, of mensen nog kunnen verblijven in een appartementsgebouw waar brand heeft gewoed of wanneer je een werf moet stil leggen wegens het niet in orde zijn met de veiligheidsvoorschriften. Uiteraard sta je er niet alleen voor, maar kan je terugvallen op de ervaring van de zo juist vermelde diensten, maar ook op de deskundigheid van de juridische dienst van onze stad. Graag wil ik van deze gelegenheid gebruik maken om al deze diensten en al deze medewerkers van harte te danken voor hun bijzonder gewaardeerd advies en medewerking. Zes maanden burgemeesterschap heeft mij geleerd dat je wel degelijk aan de knoppen zit en dat dit uiteraard op persoonlijk vlak veel voldoening geeft, maar dat dit natuurlijk ook een grote verantwoordelijkheid en beschikbaarheid met zich meebrengt.

En dit brengt mij automatisch bij een derde bedenking. Veiligheid is een cruciaal element bij de uitoefening van het burgemeesterschap. Ik moest hier onmiddellijk aan denken wanneer ik de voorbije week in de krant las dat het nu officieel is dat er Amerikaanse kernwapens liggen opgeslagen op kleine Brogel, deelgemeente van de stad Peer. Hoewel het een slecht bewaard geheim was en hoewel dit stukje Brogel geen Limburgs maar Amerikaans grondgebied is, zou ik het als burgemeester toch niet erg kunnen appreciëren moest men mij komen vertellen dat er in een deelgemeente of gehucht van onze stad kernwapens zouden opgeslagen liggen. Een bijzonder vredige en geruststellende gedachte lijkt mij dit toch niet te zijn. Ik heb echter één troost, als ze ooit uit ons land worden weggehaald (en voor mij liever vandaag dan morgen), want ik heb daar vele jaren geleden ooit samen met vele andere honderdduizenden mensen voor geijverd en betoogd, dan mogen ze niet over het grondgebied komen van Groot-Halle, daar onze stad door een gemeenteraadsbeslissing zichzelf heeft uitgeroepen tot een kernwapenvrije gemeente. Een voorstel dat ik zelf nog heb ingediend vanuit de oppositie en dat toen een meerderheid behaalde. Als burgemeester zal ik dus met veel plezier die gemeenteraadsbeslissing tot uitvoering brengen.

Tot slot, geachte aanwezigen, wil ik van deze nationale feestdag gebruik maken om als stadsbestuur onze waardering uit te spreken voor de voorzitter en het bestuur van de oudstrijders- en vaderlandslievende verenigingen die zich met niet aflatende inzet bekommeren over onze monumenten en vooral over de betekenis van deze monumenten in het kader van onze democratie en van onze vrijheid. Ik heb samen voorzitter Jos Ramaekers en met enkele bestuursleden en met collega schepen Christophe Merckx de toer gedaan van de Halse scholen in het kader van het peterschap der monumenten. Elk kind dat in de loop van het schooljaar aan deze activiteiten heeft aan deelgenomen krijgt dan een diploma uitgereikt, waarbij telkens opnieuw het belang van vrijheid, van verdraagzaamheid en vrede wordt benadrukt. Voorzitter Jos Ramaekers stelt het als volgt voor : vrijheid, verdraagzaamheid en vrede komen niet zelf. Het zijn eigenlijk werkwoorden en dit betekent dat we er elke dag werk moeten van maken.

En met deze mooie gedachte sluit ik dan ook graag mijn toespraak af en dank ik jullie voor jullie aandacht”.

Marc Snoeck
burgemeester
21 juli 2019

artikel afdrukken
 
Delen op FacebookDelen op TwitterDelen op GoogleDelen op DeliciousDelen op DiggDelen op StumbleuponEmail ditMeer...
 
21 jul 2019
Devogeleer Emile
© Devogeleer Emile
 
 
 
Terug
 

Meer Nieuws

Commerciële partners, advertenties en vacatures
Hugo Devillé | 12 aug 2019
Marc Sluys | 11 aug 2019
Marc Sluys | 09 aug 2019

archief