Wat biept er in het landschap?

Wat biept er in het landschap?

Dsc_0026
 

Wie had er als kind niet de droom om op een dag een schat op te graven? Metaaldectoristen koesteren die droom nog iedere dag wanneer ze de onderlaag van het landschap zorgvuldig afspeuren op zoek naar sporen uit het verleden. Geen schatkisten, maar wel oude munten en soms zelfs gevaarlijke spullen zoals oude munitie... Wij spraken  met Kenny Dullaert en Kristof Verhumst over hun passie voor metaaldetectie.

 

Hoe kwamen jullie in contact met metaaldetectie? Heb je hiervoor een opleiding moeten volgen?
Kenny: Toen ik nog klein was, besloot mijn vader een metaaldetector te kopen. Ongelofelijk dat je met zo’n machine oude munten en andere voorwerpen kunt vinden. Ik ben dan enkele keren met mijn vader mee gaan zoeken, maar het stak me snel tegen. Meer dan wat oud ijzer en kogelhulzen, vonden we niet. Tot ik vorig jaar via internet een aanbod zag: een metaaldetector. De hobby zelf sprak me nu veel meer aan, mede omdat ik dankzij magazines en internet beter wist wat er allemaal te vinden valt. Een opleiding heb ik niet gevolgd; in Vlaanderen is dit niet vereist. 
 
Kristof: Bij mij is alles begonnen toen ik ongeveer 9 jaar oud was. Mijn grootvader en ouders vertelden verhalen over de oorlog en wegingen op reis naar Normandië. Dat liet een blijvende indruk op mij na. Rond mijn 12 jaar kreeg ik mijn eerste detector en ben ik af en toe beginnen zoeken in de streek. Eens ik 18 was, kon ik dan vrij op pad met de auto. Ik heb doorheen de jaren goeie leermeesters gehad. De gouden regel is en was steeds voorzichtig te werk te gaan en niet zomaar wild een spade in de grond duwen. Vooral zaken die met artillerie te maken, hebben moet je steeds markeren, melden en vooral afblijven. 
 
Kenny: Graaf zeker niet verder en bel naar de politie of de ontmijningsdienst DOVO. Mensen die dit alles niet doen, maken onze mooie hobby kapot. Op die manier wordt het steeds meer verboden.
 
Wat heb je als metaaldetectorist al bijgeleerd?
Kenny: Geduld (lacht). Niet elke grond bevat interessante voorwerpen. Er zijn dagen dat ik enkel rommel vind of soms vind ik urenlang niks bijzonders… en dan plots wel. Op andere dagen vind ik van alles wat: hulzen, geldstukken, gespjes … Wat ik ook heb geleerd, is om altijd het goede voorbeeld te geven. Dit houdt in dat ik steeds toestemming heb om een eigendom te betreden en al het afval meeneem naar huis. 
 
Kristof: Dat je ten eerste respect moet hebben voor geschiedenis. Elke vondst van welke periode ook moet met nodige zorg behandeld worden. Ook heb ik geleerd dat plaatsen waarvan je denkt "daar zal toch niets liggen", toch de moeite zijn om naartoe te gaan. 
 
Wat is tot nu toe je spectaculairste ontdekking?
Kristof: Dat is een moeilijke vraag want ik koester elke vondst hetzelfde. Maar als ik moet kiezen dan zal het mijn doorschoten kompas wel zijn waarvan ik vermoed  dat ze dateren van 14-18. Mijnleukste vondst in de streek zal het stuk luik wel zijn dat voor de valse schietgaten hing voor de bunkers van Pamel.
 
Kenny: Daar hoef ik niet lang over na te denken: mijn gouden munt uit 1743. Het betreft een 24 karaat gouden ducaat van de stad Utrecht. Helaas is het muntstuk een beetje geplooid, maar het blijft toch een fantastische vondst! 
 

Het volledige artikel en nog veel meer artikels kun je lezen in PenZine. Je vindt het magazine op www.pajot-zenne.be en in meer dan 470 verdeelpunten in de regio.

 

artikel afdrukken
 
Delen op FacebookDelen op TwitterDelen op GoogleDelen op DeliciousDelen op DiggDelen op StumbleuponEmail ditMeer...
 
06 nov 2020
PenZine
PenZine
 
 
 
Terug
 

Meer Nieuws

Commerciële partners, advertenties en vacatures
Roger Swalens | 17 jan 2021
Roger Swalens | 17 jan 2021
Sam Herremans | 13 jan 2021

archief