Scheutist Henri Charles Millair werd 100



Henri Charles Millair – geboren op 9, januari 1926 werd dus 100 jaar en dit werd gevierd in het huis van de paters van Scheut in LEEUW
De vader van Henri was afkomstig van Brukom, een wijk van Sint-Pieters-Leeuw.
Zijn vader was een beenhouwer in het Beenhouwerstraatje in hartje Brussel.
Wanneer Henri 16 dagen oud is, overlijdt zijn moeder aan de gevolgen van kraamkoorts. Henri wordt dan ook opgevangen en opgevoed bij zijn grootmoeder in Brukom.
Een ongetrouwde tante bemoedert Henri tot aan haar trouw in 1929. Vader Jozef hertrouwt en overlijdt in 1930 aan de gevolgen van een ernstige ziekte. Hij groeit op in Brukom bij nonkels en tantes.
Henri blijkt een zelfstandig baasje te zijn die zijn eigen weg zoekt. Hij helpt al heel vroeg waar hij kan en is zeer verantwoordelijk. Tot en met het 4de studiejaar blijft hij in de gemeentelijke school les volgen. Henri is een goede leerling. Vanaf het 5de studiejaar gaat hij naar het Onze-Lieve-Vrouwinstituut bij de broeders in Halle.
Henri volgt het eerste middelbaar in Halle. Zijn tante Marie is huishoudster bij de pastoor van Lembeek. Hij is de vriend-priester van de familie. Er wordt al eens gefluisterd dat het goed zou zijn moest Henri kiezen voor een roeping want zo kan hij zijn toekomst veilig stellen. Hij is immers een wees.
De familie beraadt zich en er wordt beslist dat Henri in het Klein Seminarie te Mechelen gaat studeren . Studeren kost geld maar zijn tantes en ooms nemen de rol van sponsor volledig op. Hij vangt zijn studies aan in 1939 om ze af te ronden in 1945.
Het eerste jaar aan het Klein Seminarie is dik tegen zijn goesting maar hij behaalt goede resultaten. Hij is een beetje een eenzaat, heeft weinig contact en ook geen diepe vriendschappen. Hij kwijnt er zelf wat weg en komt thuis terug op verhaal. De oorlog breekt uit. Miserie en honger zijn een dagelijks gegeven. Ook op het internaat lijden de jongens honger.
Henri voert kleine taken uit in het klein seminarie. Hij wordt zelf hoofdkoster gedurende 2 jaar. En ergens groeit er besef dat hij misschien toch wel priester wil worden.
De grootseminaristen moeten proeflessen geven in het klein seminarie waar Henri zijn lessen volgt. Eén van de seminaristen was niet goed voorbereid en hij werd zo overdonderd door zijn overste dat Henri duidelijk wist : neen, in dit seminarie wil ik niet binnentreden.
Vanop de tram te Brussel, zag je het klooster van Scheut te Anderlecht. Jozef Van Keerberghen (ook van Sint-Pieters-Leeuw) vertelde hem over de paters van Scheut. Stilaan wordt het hem duidelijk : in dat klooster zou ik me kunnen thuis voelen.
In 1945 vangt Henri zijn noviciaat aan en op 08/09/1946 legt Henri zijn tijdelijke geloften af. Het serieuze werk begint : de opleiding tot priester is zwaar : filosofie in Anderlecht, theologie in Leuven.
In de periode van zijn priesterstudie moesten alle jonge mannen het vaderland dienen, of anders gezegd ze moesten soldaat worden. Van een regeling voor gewetensbezwaarden was toen nog geen sprake maar er was wel een akkoord tussen het Ministerie van Landsverdediging en Scheut dat de toekomstige priesters tijdens hun opleiding in Leuven ook 1 jaar koloniale wetenschappen moesten volgen : zo zouden ze sterke mannen worden die verstand hadden van bouwen, waterwerken, landbouw en veeteelt, gezondheidszorgen …
En net het gedeelte “sterke mannen” was voor Henri een moeilijk punt. Enkele maanden vóór zijn priesterwijding (in 1951), wordt er tijdens een medisch onderzoek en longonderzoek vastgesteld dat Henri lijdt aan TBC, een gevolg van de ontberingen tijdens de oorlog.
Eerst opgevangen door familie gaat hij uiteindelijk naar het rusthuis van Schilde. Er is geen medische verzorging ter plaatse. Er is wel een broeder die de bejaarden Scheutisten helpt indien nodig.
Henri moet zijn 4de jaar theologie nog afwerken en hij wordt naar Nijmegen gestuurd. De rector vindt dat Henri er niet goed uitzit en stuurt hem naar een arts. Henri moet in 1951 opnieuw naar Schilde. In Leuven wordt een nieuw medicament uitgeprobeerd en eindelijk wordt Henri beter. In 1955 gaat hij aan de slag als aalmoezenier in een psychiatrische instelling in Manage.
Het wordt voor Henri allemaal te veel en na een verplichte rustperiode in Schilde komt Henri er opnieuw bovenop.
In 1958 wordt hij toegewezen aan een rusthuis in Vinkt bij Deinze. Henri is er ook de aalmoezenier van de Chiro.
Henri blijft met zijn gezondheid sukkelen uitrusten en bekomen doet Henri opnieuw in Schilde, waar hij psychisch en fysisch echt beter wordt.
Van 1964 tot 1985 verblijft hij in Schilde en bewijst er allerhande diensten, zowel binnen als buiten de gemeenschap.
In 1985 geeft de Provinciaal Henri een nieuwe opdracht. Hij wordt rector in Zuun.
In 1987 wordt Henri Vice-provinciaal en in 1988 provinciaal.
In 1994 geeft zijn opvolger gevolg aan een aanvraag van het bisdom Mechelen en Henri wordt pastoor in Vlezenbeek, ter opvolging van de vermoorde pastoor. Ondanks het feit dat Henri geen enkele ervaring met parochiale werking heeft.
Na 3 maand komt Jef Van Keerberghen (ook van St.-Pieters-Leeuw) terug na 40 jaar missie in Congo. Hij komt naar Vlezenbeek bij Henri. Ze werken 6 jaar samen.
Als Henri 75 jaar wordt, viert hij zijn 50-jarig priesterjubileum. Hij verlaat de parochie in Vlezenbeek en gaat terug naar Schilde. Daar stelt hij zich ten dienste van de zieken. Henri neemt in Schilde nog slechts kleine taken op : portier, diensten aan de communiteit.
Op 15januari 2019 verlaat Henri definitief Schilde en vestigt hij zich in Zuun. Hij geniet er van het rustige leven en de zorg die geboden wordt.
Zoeken
Meer Nieuws
colpaert marc | 07 jan 2026
Marc Sluys | 07 jan 2026
Marc Sluys | 05 jan 2026
Marc Sluys | 04 jan 2026
Marc Sluys | 01 jan 2026
Commerciƫle partners, advertenties en vacatures
Marc Sluys | 01 jan 2026
redactie | 01 jan 2026
marc colpaert | 30 dec 2025
Marc Sluys | 27 dec 2025
Marc Sluys | 25 dec 2025
marc colpaert/Marc Sluys | 25 dec 2025
redactie | 25 dec 2025
Marc Sluys | 23 dec 2025
Marc Sluys | 23 dec 2025
Marc Sluys | 23 dec 2025
Marc Sluys | 20 dec 2025
Marc Sluys | 19 dec 2025
