GERAARDSBERGEN - Christ van Cauwenberge(73) is overleden

GERAARDSBERGEN - Christ van Cauwenberge(73) is overleden

Aaaaa_img_20210104_0002
 
Christ van Cauwenberge(73) uit Geraardsbergen is overleden, nauwelijks een week nadat Jacques De Ro, net als Christ, aan een coronabesmetting bezweek. Gerardimontium rouwt dan ook dubbel na het verlies van twee bedrijvige redactieleden. Ook de Rederijkersgilde Sint-Petrus is getroffen door dit verlies. Op 29 december, nauwelijks één week nadat Jacques De Ro, redactiesecretaris van Gerardimontium, was overleden, ten gevolge van het coronavirus, viel een zelfde lot te beurt aan Christ Van Cauwenberge, eveneens bestuurslid van diezelfde Geraardsbergse vereniging voor historisch onderzoek. Dit is in de eerste plaats een pijnlijk verlies voor Martine De Wetter, zijn echtgenote, hun twee dochters en hun kleinkinderen. Het heengaan van Jacques en van Christ valt ook zwaar voor Gerardimontium, dat in de laatste week van 2020 werd getroffen door het verlies van twee belangrijke bestuurs- en redactieleden.
Christ Van Cauwenberge werd in 1947 geboren in Geraardsbergen waar hij Grieks-Latijnse humaniora volgde in het Sint-Catharinacollege. Daar muntte hij uit in het vak geschiedenis waarin hij tot een gedegen vorser zou uitgroeien. "In 1970 werd hij bibliothecaris van de plaatselijke Rederijkerskamer van Sint-Petrus, wier verleden hem en zijn echtgenote tot ernstig onderzoek zou aanzetten. Hij ordende de uitgebreide bibliotheek met ruim 1100 toneelstukken waaronder de oudste dateren uit het midden van de 18de eeuw: Vondel en Molière. Als archivaris van 'de Vodden', een Geraardsbergse benaming van diezelfde Rederijkerskamer, raakte hij verder ondergedompeld in de studie van haar verleden. Hij legde de hand op het 'Ledenboek', dat hij grondig ontleedde wat resulteerde in 1500 fiches met een massa gegevens over alle leden tussen 1634 en 1845", aldus Albert Schrever. "Merkwaardig is dat dit de opsomming  is van alle leden volgens de beginletter van hun voornaam! De 'doopnaam' was tot het einde van het 'Ancien Régime' immers vaak belangrijker dan de 'achternaam', de later tot stand gekomen officiële 'familienaam'. Op eigen initiatief publiceerde hij in 2005 de zeer lijvige studie van (zowat 450 pagina's) over 'Het Ledenboek van de Rederijkerskamer van Sint-Petrus (de Thaboristen) te Geraardsbergen (1634-1845) Een poging tot ontsluiting'. Van bijzonder belang is dat dit werk ook de kopieën bevat van ruim 240 originele teksten. In 2012 gaf Gerardimontium zijn totaal andere analyse van dit 'Ledenboek' uit waaraan Jacques De Ro had meegewerkt. Feit is dat beide publicaties een bijzondere betekenis hebben niet alleen voor stamboomonderzoek maar voor alle takken van ander historisch onderzoek",vervolgde Albert.
Als oud-leerling van het college werkte hij mee aan "Van scholaster tot principaal Het Sint-Catharinacollege van Geraardsbergen en zijn voorgeschiedenis (1437-1989)" (1990) van Geert Van Bockstaele e .a.. Los daarvan had hij eerder al twee andere historische studies over zijn college gepubliceerd. In "De leerlingen van het Latijns college in de Sint-Adriaansabdij te Geraardsbergen (1739-1769)" (1986) brengt hij niet enkele aanvullingen op de studie van Ernest Soens over "De Latijnse scholen van Geeraardsbergen" (1912) maar getuigt hij eens te meer van zijn gave om historische gegevens kritisch te analyseren. En wie zijn studie over de  Franstalige "Ordre des jours ordinaires et extraordinaires - Reglements" (1987) doorneemt zal niet alleen vaststellen dat de voertaal in het college tot de eerste Wereldoorlog eentalig Frans was, maar dat de leerlingen er -o.m. onder invloed van het Belgisch episcopaat- aan een Spartaans opvoeding waren onderworpen. Wie  Nederlands praatte werd als 'délinquant' beschouwd en moest verantwoording afleggen bij de principaal.
Van totaal andere aard is zijn bijdrage over "De vrije Franse lessen in het 3de en 4de leerjaar van het Sint-Catharinacollege te Geraarsbergen" ("Gerardimontium", maart 2019).  Op meesterlijke wijze geeft Christ een nostalgisch verslag van de Franse lessen die directeur Leonce Van Wijmeersch had geïntroduceerd en op meesterlijke wijze vaak zelf verzorgde.
Samen met redactielid Freddy De Chou schreef Christ ook een lijvig werk over "De penningcohieren anno 1571 als genealogische en toponymische bron De belastingplichtigen in en rond Geraardsbergen tijdens het schrikbewind van Alva" (2015). Ook hier kunnen we spreken van een monnikenwerk dat historische vorsers veel opzoekingswerk in vaak duistere, ontoegankelijke archieven bespaart. In 13 hoofdstukken schenken de auteurs aandacht aan het belastingssysteem in 13 deelgemeenten van Geraardsbergen.
In de reeks "Bronnenstudies" van Gerardimonium verscheen in 2018  het werk over het "Boek der Incomelinghen van de Kruisboogschuttersgilde van Sint-Joris te Geraardsbergen 1551-1793". Ook hier beschrijft Christ -op de hem eigen, nauwkeurige wijze- de beschikbare gegevens over de 1823 leden van die boogschuttersvereniging waarvan de leden meestal uit de hogere klassen afkomstig waren. Als een volwaardig archivaris publiceerde Christ sinds 2018 de "Bibliografie van het tijdschrift Gerardimontium" van het voorbije jaar.
Professioneel was Christ in Oudenaarde de ontvanger van de Registratie, Domeinen en Penale Boeten. De accuraatheid en de mathematische en statistische nauwgezetheid die hij daar nodig had, vinden we terug in al zijn publicaties. Zijn heengaan is niet alleen een zwaar verlies voor zijn echtgenote en kinderen, maar ook voor 'Gerardimontium' en voor de 'Rederijkerskamer Sint-Petrus'. - MCT

  

artikel afdrukken
 
Delen op FacebookDelen op TwitterDelen op GoogleDelen op DeliciousDelen op DiggDelen op StumbleuponEmail ditMeer...
 
06 jan 2021
Marc Colpaert
Marc Colpaert
 
 
 
Terug
 

Meer Nieuws

Commerciële partners, advertenties en vacatures
Sam Herremans | 01 jan 2021

archief